dag: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30

Vakantie 2016 - dag 11

Woensdag, 20 juli
Kreuzlingen – Tuttlingen
Kreuzlingen, Steckborn, Mammern, Stein am  Rhein, Singen,Ehingen, Aach,,Eigeltingen,(per fiets)
Eigeltingen, Emmingen, Tuttlingen (auto)
Afstand: 90,0 km (fiets)

Alles dat er vandaag mis kon gaan ging mis.
Het begon vanmorgen al.
Na het ontbijt en het inpakken doe in wat ik wel vaker doe wanneer ik in een klein pension ben, ik ga het bed afhalen. Kom ik met het wasgoed beneden om het vervolgens naar de wasmachine te brengen, staat me daar de gastvrouw en ze barst zowat uit haar vel wat of ik me daarbij had voorgesteld. Nou niks ik wil alleen maar helpen. Dit is geen helpen, nu bezorg je mij alleen maar werk. Ik kijk haar niet begrijpend aan. Maar het blijkt dat ze eerst alles met de pluizenroller afneemt en dan van het dekbed afhaalt, het kussen hetzelfde, eerst met de pluizenroller dan het kussen eruit halen. Ja en dan nog maar niet te spreken van het onderlaken die moet nu eerst weer op bed, dan met de pluizenroller en dan weer van bed.

Dan pas kan alles de wasmachine in. Ineens vind ik haar helemaal niet zo aardig meer.
Dit had een teken moeten zijn voor de rest van de dag.
Ik ga ondertussen mijn tassen op de fiets maken en de gastvrouw is naar mijn kamer gegaan om de boel even te controleren. Ik heb vanmorgen voor ik alles in de tassen deed enkele papieren verscheurd (een stadsplan en nog een èèn  of andere papiertje en in de prullenbak gedaan. Nou ook dat was dus niet oké. Ze had het wel graag terug gehad willen hebben. Ik zeg nog dat het helemaal verkreukeld was. Nou ja dan had ze het nog wel kunnen gebruiken voor iemand die er maar één nacht kwam slapen.
Ondertussen zijn mijn tassen op de fiets gepakt en maak ik aanstalten om te vertrekken. Schijnbaar is ze ook iemand die wel zeer snel vergeet want ze vraagt heel vriendelijk of ik nog iets mee wil voor onderweg. Ach ja, waarom ook niet. Geeft U mij maar een appel mee voor onderweg. Ze haalt een appel uit huis en geeft mij die. Ik bedank haar, maar mijn oprechtheid is eigenlijk verdwenen.
Ik moet nu weg.
Op weg naar Konstanz weet ik alles wel te vinden. In Konstanz moet ik de weg volgen naar Allensbach maar doordat er wegversperringen zijn kom ik niet in Allensbach uit maar in Gottlieben. Ach denk ik nog bij mij zelf dan ga ik toch over Stein am Rhein. Was ik maar teruggereden en de weg wel opgezocht naar Allensbach dan had ik mijzelf waarschijnlijk een hoop ellende bespaard die dag.
Maar goed tot Stein am Rhein is niet moeilijk en doe je in een paar uurtjes.
Na Stein am Rhein word het al wat ingewikkelder. Iedereen weet nog steeds de weg te vinden wanneer ze met een auto zijn, maar een fiets is iets anders ook voor Garmin.is het en probleem zelfs voor hele korte afstanden stuurt die mij regelrecht de bundesweg op. Op veel plaatsen vraag ik naar de weg en telkens wordt ik ergens anders heen gestuurd voor mijn gevoel. (En wanneer ik nu een dag later nog eens goed op de kaart kijk is dat ook zo.)
Ik ben denk ik wel tien keer van Duitsland naar Zwitserland over de grens geweest en andersom natuurlijk. Het wordt steeds warmer en ik raak door mijn drinken heen. Dan maar even rusten en een appel eten.. Dan maar weer verder. Hé hier is en tankstelle, even een flesje met het een of ander kopen. Maar ik zit in Zwitserland. Gelukkig neemt de man ook euro’s aan.
Verder gaat het weer.
En dan ineens verrek, hier ben ik vandaag al eerder geweest. Dat was een paar uur terug.


Dit is niet best en ineens zakt alle moed me in de schoenen. Ik weet het niet meer.  Eerst maar even rustig zitten en nadenken. Ik ben met de tweede accu bezig. Ik ben volgens Garmin bij 20 km van Tuttlingen af. Maar Garmin vertrouw ik op dit moment niet want het GPS-signaal is behoorlijk zwak.  Hier blijven zitten is geen optie. Een treinstation zou een oplossing zijn dan kan ik misschien in Tuttlingen komen. Maar dan moet er wel een treinstation in de buurt zijn. Maar ik weet zelf amper waar ik ben. Ik weet alleen dat ik hier een paar uur eerder ben geweest. Toen heb ik daar ook even gerust en toen kwamen er een vrouw en een man aan om te vragen of alles goed was. Ja, toen was alles nog goed. Nu niet meer.
Ik ga maar eens langzaam die berg weer op maar het gaat wel superlangzaam. Boven op de berg staat mensen daar nog maar eens vragen waar of het nu echt langs gaat naar Tuttlingen en even vragen waar of hier in de buurt een treinstation is. Tja mevrouw dat is nog wel een eindje en de trein ja dat weet ik niet. Nou, bedankt voor het helpen. Geen dank, succes. Ja, dat heb ik nu wel nodig. Het huilen staat mij nader dan het lachen.
Ik ga weer verder lopen. Nu ik boven op de berg ben kan ik wel weer fietsen. Dus ik stap op de fiets. Dan rijd er een auto mij voorbij om vervolgens een eindje verderop te stoppen. Er stappen een vrouw en een man uit. De vrouw gebaard mij te stoppen. En ik stop. Het is de vrouw van vanmiddag dat weet ik zeker maar het is niet de man van vanmiddag. Ze vraagt mij of ik nog steeds naar Tuttlingen moet. Ja, zeg ik. Kunnen wij U naar een station brengen. Ik zeg ja maar ik bedenk mij en vraag weet U zeker dat daar nog een trein naar Tuttlingen vertrekt ? Nou nee, zegt ze. Mag ik U dan vragen om mij naar Tuttlingen te brengen? Goed mijn man brengt U naar Tuttlingen. De fiets en bagage kunnen in de auto. De man wil eerst de vrouw nog even weer naar huis brengen omdat er nu geen drie mensen meer in de auto passen. Maar de vrouw zegt dat ze wel lopende naar huis gaat, dat is maar een paar minuten lopen.
Dus zo komt het dat ik ’s avonds om half acht in Tuttlingen aankom. In de hoofdstraat stoppen we, stap ik uit en halen we de fiets en bagage uit de auto. De man helpt mij nog om de fiets weer te bepakken. Samen kijken we op Garmin of hij de straat vind waar ik moet zijn voor het hotel waar ik drie nachten slaap. En ja na enig gemor vind Garmin de straat waar ik moet zijn. Ik wil de man betalen voor zijn geboden diensten maar daar wild die absoluut niet van weten. En met de mededeling ik moest nog een goede daad verrichten vandaag kan ik het doen. We wensen elkaar nog veel goeds toe en de man zegt dat die mij nog even een eindje achterna gaat. Is goed zeg ik maar algauw zou blijken dat, dat niet kan omdat er in Tuttlingen hard aan allerlei straten wordt gewerkt.
Tegen kwart voor acht ben ik in het hotel.
Een klein familiehotel dat gerund wordt door buitenlanders. Wat het precies weet ik niet helemaal maar volgens mij is het een Turkse familie. Geeft niet zolang het maar schoon en netjes is. Bovendien ik zit in het centrum .
Morgen een dagje Tuttlingen.
Even bijkomen.